Vermeerderen


Wil je meer sneeuwklokjes in je tuin, of wil je soorten kweken om te ruilen of te verkopen, dan zijn er 3 methodes om te vermeerderen. Wilde soorten worden gezaaid. Snelle groeiers en wilde soorten worden gescheurd. Om trage groeiers sneller te vermeerderen wordt "chipping" gebruikt

Tuincentrumbollen

De bollen die te lang boven de grond zijn geweest en een maand lang warm en droog in een tuinwinkel hingen geven weinig resultaat.

Is dit de enige manier om aan sneeuwklokjes te geraken, ga dan in augustus al naar het tuincentrum en plant ze zo snel mogelijk.

Delen in augustus

De eenvoudigste, snelste en beste manier om sneeuwklokken te vermeerderen is delen van de pollen tijdens de rust. Net na de bloei wordt de pol gemarkeerd. Tijdens de zomer kan je die dan met een spitvork uitgegraven. Verwijder de meeste grond en trek voorzichtig de pol uit elkaar.

Het mooiste resultaat in de tuin krijg je als je niet te fijn verdeeld. Maak toefjes van 3 tot 5 bolletjes en herplant die. Wil je méér planten, of is de oppervlakte groot, plant dan afzonderlijke bolletjes.

Controleer op zieke bollen, insecten of wormen en vernietig ze.

Herplant de bollen op voldoende afstand van elkaar en zo'n 8 à10 cm diep. Een deel kan je ook oppotten. Laat ze absoluut niet uitdrogen. Laat ze maximaal een tweetal weken uit de grond.

Scheuren in het voorjaar


Scheuren "in the green" wordt ook veel gedaan en is gemakkelijk. Je ziet immers wat je doet en hebt onmiddellijk resultaat. Als de planten niet lang uit de grond blijven en er niet teveel wortels beschadigd raken valt schade heel goed mee.

Bij droog weer moet extra water gegeven worden. Soms kan het 1 of 2 jaar duren vooraleer de plant goed aanslaat en doorgroeit.



Hoe vaak ?

In de tuin kunnen polletjes wat langer blijven staan waardoor ze mooie toefen vormen. Om de 4 of 5 jaar scheuren is voldoende.

Pollen kunnen uiteraard ook langer blijven staan, al kan dan de bloei soms achteruit gaan.

Zaaien

Zaaien van sneeuwklokjes is niet gebruikelijk, maar voor wilde species zeker aan te raden om sneller grote hoeveelheden te kweken.

Oogst zaden vers, als de zaaddoosjes openen en de rijpe zaden zichtbaar zijn. Onrijpe zaden zullen niet kiemen.

Na het oogsten wordt onmiddellijk gezaaid in een vrij stevige grond, gemengd met 1/4 deel zand of grind. Dek af met een dun laagje grind en plaats op een beschaduwde plaats. Ingraven van zaaipotten voorkomt uitdrogen.

Hou de zaailingen bij voorkeur 2 jaar in de pot. Tijdens het afsterven van het loof kan worden verplant. Vanaf het derde jaar kunnen ze gewoon de tuin in.

Het is echter mogelijk om - onder gecontroleerde omstandigheden - op 2 jaar tijd bloeiende bollen te kweken.

Specials

jonge plantenjonge planten

Twin scaling en Chipping zijn oude technieken die vooral voor narcis gebruikt worden. Ze gaan uit van het principe dat elk stukje van een bol met een deel van de bolbasis kan uitgroeien tot een nieuwe plant.

Maak op het einde van het voorjaar de droge bol schoon. Grotere bollen geven de beste resultaten. Snij met een scalpel alle wortels en de buitenste harde laag van de bolbasis weg. Snij ook de top van de bol af (1/3)

Ontsmet de bol en je materiaal snel, maar grondig met een doekje, gedenkt in 70% ethanol.

Plaats de bol omgekeerd en snij de basisplaat in 2, dan in 4, 8, 16 en (voor grotere bollen) in 32 net zoals je een taart in stukken snijdt. Na de eerste verdeling snij je elke snede dieper in zodat je mooie partjes of chips krijgt.

Zijn de partjes groot genoeg dan kan je ze eventueel nog dwars verdelen (twin scaling). Daarvoor snij je tussen de schubben door zodat je enkel nog een dubbele schub overhoudt met uiteraard een deel van de basisplaat. Tussen die 2 schubben zullen broedbolletjes ontwikkelen.

Behandel de chips met een systemisch fungicide (captan ed) gedurende een half uur, was de chips met zuiver (gedistilleerd)water.

Meng de chips in een plastic zak met 500 ml vermiculiet en 40 ml water en sluit de zak af. Doe niet teveel chips per zak zodat ze elkaar niet te veel raken. Plaats de zak op een warme (20°C) en donkere plaats gedurende 12 weken. Controleer regelmatig op schimmel en behandel eventueel opnieuw met een fungicide.

Als alles goed gaat vormen de chips kleine bolletjes op de basisplaat. Op het einde van de zomer - en zeker voor de wortels beginnen te groeien - kan geplant worden.

Plant ze zo'n 5 cm uit elkaar in potten met een vrij zware grond, gemengd met 1/3 grind. Plaats de pot in een koude bak, koude kas of gewoon buiten. Graaf bij voorkeur de pot in om schommelingen te verminderen en de kans op uitdrogen te verkleinen. Na zo'n 4 maand moeten de eerste blaadjes verschijnen. Laat ze met rust totdat ze opnieuw afsterven. Daarna kan je de bollen uithalen en oppotten of in de tuin uitplanten.